Archief van mei, 2010

Minder uitgaven door meer preventie

maandag, mei 31st, 2010

Hoe kan preventie bijdragen aan het terugdringen van uitgaven? GGD Nederland organiseerde hierover een online discussie. De hele discussie vindt u op onze site, net zoals een factsheet met de hoofdlijnen.

http://www.ggd.nl/over-ggd-nederland/preventie-discussie

Hierbij alvast de zes uitkomsten:

1. Grijp in voordat de problemen groot zijn
2. Laat geen talenten verloren gaan
3. Organiseer de preventie effectiever
4. Geef als overheid het goede voorbeeld
5. Druk de effecten van preventie niet alleen in geld uit
6. Verschuif de geldstromen: meer gezondheid en gedrag

IGZ: Neem klachten serieus

vrijdag, mei 28th, 2010

De Inspectie voor de Gezondheidszorg (IGZ) moet de manier van werken verbeteren. Dat stelde de Commissie Hoekstra in haar onderzoek naar aanleiding van de problemen met de Twente neuroloog Ernst Jansen Steur.

Volgens de onderzoekers worden klachten en signalen over misstanden nog steeds onvoldoende opgepakt door de IGZ. Het gaat dan om individuele klachten van patiënten, familieleden of nabestaanden. Ook is de inspectie ‘te terughoudend’ bij klachten die anoniem worden ingediend.

In het algemeen worden klachten alleen door de Inspectie in behandeling genomen als naam en toenaam van degene die de klacht indient bekend zijn. Dit maakt het erg lastig om misstanden aan de kaak te stellen. Ook klachten die bij de afdelingen Informatie en Klachtenopvang van de Zorgbelangorganisaties binnenkomen, vinden vaak onvoldoende gehoor hierdoor.
Ondanks dat het soms om leven en dood gaat en betrokkenen of hun familie zich vaak in een afhankelijkheidsrelatie bevinden, is anoniem klagen in de regel nagenoeg onmogelijk.

Stelling: De onmogelijkheid om anoniem klachten in te dienen maakt het lastig om aan ongewenste en kwalitatief slechte situaties een eind te maken en daarmee de zorg onnodig duur.

Het moet makkelijker worden om klachten, ook anoniem, in te dienen bij de Inspectie

stem

bekijk resultaat

Verwerken / ophalen ... Verwerken / ophalen ...

ligbad op wielen

woensdag, mei 26th, 2010

hallo ik heb een tip en dat, als je zelf een bad op wielen maakt.dan kunt u het onder een pfafond tillift rijden, zodat iemand die niets meer kan, toch heerlijk kan badderen. Wij hebben er een voor mijn dochter gemaakt en het werkt echt heel goed. Ook fijn voor haar spieren en algeheel welzijn. Wij hebben alles tweedehands gekocht ook hele grote industriewielen(zwenk) zo is het heel makkelijk te sturen. Ik kwam op dit idee omdat ik op zoek was naar een douche brancard.maar ten eerste zijn die erg duur en ten tweede te ondiep. Het bad is ook heel mooi geworden, al zeg ik het zelf.

ps. ik begrijp niet dat zorg en hulp middelen zo belachelijk duur moeten zijn. ik hoop dat andere via dit bericht ook een fijn badder plezier terug kunnen krijgen,  een bubbelmat erin en bubbelen maar .

succes groet Dora foto’s zijn te zien op deeljezorg.nl maar ook op marktplaats en tweedehands.nl

Goede voorbeelden afkijken en namaken

dinsdag, mei 18th, 2010

Wim Schellekens, hoofdinspecteur curatieve gezondheidszorg, doet in zijn blog op Skipr ‘Bestuurders en professionals aan zet!? Of de minister?’ de oproep aan de minister om te investeren in aanjaag- en ondersteuningsprogramma’s. Doel hiervan is bewezen goede praktijken breed te verspreiden en in te voeren. Volgens Schellekens kan de sector beter het heft in eigen hand nemen dan dat de minister de kaasschaaf of de botte bijl gaat hanteren. Dat levert betere kwaliteit tegen minder kosten op.
Lees het hele Blog op http://www.skipr.nl/blogs/bestuurders-en-professionals-aan-zet-of-de-minister-57811.html
en het commentaar van Henk Nies,
voorzitter raad van bestuur Vilans, http://www.skipr.nl/blogs/afkijken-en-namaken-als-transformatie-in-de-zorg-58526.html

Bekend met goede voorbeelden die navolging verdienen? Meld ze in een bijdrage of hieronder.

Verslavingszorg wordt weer zorg voor verslaafden

maandag, mei 17th, 2010

Inleiding:
Het Zwarte Gat is een cliëntgestuurd kennisnetwerk dat verrezen is uit het moedernetwerk van de gezamenlijke cliëntenraden uit de verslavingszorg. Het Zwarte Gat neemt het initiatief om het perspectief op maatschappelijk herstel voor cliënten in de verslavingszorg te vergroten. Het net¬werk bestaat uit ervaringsdeskundigen die allemaal een achtergrond in cliëntenraden hebben.
Primair staat denken en doen vanuit netwerken. (Ervaring, s)Kennis is de grondstof, wederzijdse aantrekkelijkheid het bindmiddel. Het opbouwen van nieuwe kennis door deze te delen met pro¬fessionals, onderzoekers en beleidsmakers en meerdere netwerken en vorm geven aan nieuwe praktijken.
De basis voor deze aanpak is in gelegd in de verslavingsweekenden van de gezamenlijke Neder¬landse VZ cliëntenraden.
Samen met verschillende bij de innovatie van Zorg voor Verslaafden betrokken partijen zullen we , onder regie van ervaringsdeskundige cliënten, de komende jaren richting geven aan:
• betekenis geven aan het begrip verslavingservaringsdeskundigheid
• het ontwikkelen van op herstel georiënteerde systemen in de VZ
(Ervaring, s)Kennis als grondstof, wederzijdse aantrekkelijkheid als bindmiddel. Het opbouwen van nieuwe kennis door deling met professionals, onderzoekers en beleidsmakers. Vorm geven aan nieuwe praktijken

De partijen, die zich via de netwerkaanpak van het Zwarte Gat hieraan verbonden hebben, zijn:
Lectoraat Rehabilitatie Hanze Hogeschool Groningen, Lies Korevaar.
VU, metamedica, EMGO, Guy Widdershoven/ Tineke Abma, Arnold van Elteren.
OdysseeMaastricht, Kirsten Lammers
Scool of social Works Inholland: Hans-Jan kuipers
Lectoraat OGGZ, Hanze Hogeschool Groningen, Gert Schout.
En natuurlijk de raden van bestuur van 15 verslavingszorg instellingen

Onze Visie
Een mens met verslavingsproblemen is meer dan zijn verslaving, zijn somatische, psychische (en/of psychiatrische), sociale, relationele, arbeidsgerelateerde en of justitiële problematiek. Een cliënt met verslavingsproblemen is zelfs meer dan een optelsom van dit alles. De stichting het Zwarte Gat vindt dat een cliënt in de eerste én op de laatste plaats mens is!
• Wij vinden dat de inzet van ervaringsdeskundigheid een noodzakelijke voorwaarde is om werkelijk op herstel georiënteerde systemen te ontwikkelen.
• Wij vinden dat de verslavingszorg, samen met haar cliënten, haar koers moet verleggen naar een meer cliëntgerichte benadering van verslavingsproblematiek.
• Wij vinden dat het vergroten van perspectief op maatschappelijk herstel het uitgangspunt moet zijn bij het vormgeven van Zorg voor Verslaafden.
• Wij vinden dat voor, tijdens en na de behandeling de individuele kracht van de verslaafde de basis vormt van zijn herstel
Onze missie
De verslavingszorg zal haar koers verleggen naar een Zorg voor Verslaafden’.
Het netwerk Het Zwarte Gat zal kennisontwikkeling en kennisdeling met betrekking op de versla¬vingszorg stimuleren. Het doel is om (via proeftuinen) op herstel georiënteerd systemen, waarin de cliënt centraal staat, te ontwikkelen.

Verslavingservaringskennis, de ‘stille’bron van kennis, moet worden ontwikkeld tot een volwaar¬dige kennisbron.
Specifieke ervaringsdeskundigheid vanuit verslavingsperspectief zal op ons initiatief worden ge¬bundeld en verspreid. Proeftuinen zullen worden opgezet, uitgetest en bij succes elders worden geïmplementeerd. Onderzoek op initiatief van het netwerk zal zorgdragen voor ‘de zorg voor ver¬slaafden’. Alle bij de Zorg voor Verslaafden betrokken partijen moeten intensiever gebruik kunnen maken van verslavingservaringskennis: de instelling voor Verslavingszorg, maar ook alle andere spelers in het maatschappelijke veld, die een rol kunnen betekenen bij het herstel van verslaaf¬den. Cliënten in de Verslavingszorg moeten in de nabije toekomst hun eigen realistische doelen ten aanzien van hun maatschappelijk herstel kunnen bereiken. Cliënten worden die hun verslaving aanpakken, zelf bepalen welke betekenis ze aan hun problemen geven, hoe ze met hun proble¬men omgaan, hoe ze hun leven weer willen opbouwen en welke hulp ze daarbij nodig hebben. Hulpverleners, ervaringswerkers, andere stakeholders en de cliënt zullen, op basis van evenwaar¬digheid, samenwerken om vorm te geven aan een individueel herstelplan. De zorg zal zijn focus verleggen van de beperking van de cliënt (verslaving), naar zijn individuele mogelijkheden als mens.

Het Zwarte Gat zal de komende jaren als een katalysator deze noodzakelijke cultuuromslag in de Verslavingszorg versnellen.

Onze doelen
De deelnemers van Stichting het Zwarte Gat en hun samenwerkingspartners willen de komende vier jaar de volgende doelen realiseren:
• afname recidive van cliënten in de Verslavingszorg.
• 20 % ervaringsdeskundigen werkzaam in Verslavingszorg.
• 60 nieuwe cliëntgestuurde projecten in Verslavingszorg.
• Stimuleren (wetenschappelijk) onderzoek naar ervaringskennis en publicatie standaard¬werk over verslavingservaringsdeskundigheid
• Het opzetten van proeftuinen om deze doelen te realiseren.
Netwerken als kennisgenerator

Een ding staat vast: waar de vorm aan kracht inboet neemt de beweeglijkheid toe. Netwerken als de opkomende theorie van de handelende personen is hier een goed voorbeeld van. Het maakt een nieuwe kijk op de organisatorische kant van de samenleving zichtbaar. Een samenleving waar onderstromen altijd een rol spelen. Als onderstromen aan de oppervlakte komen zorgen ze voor woeling en beweging. Zo ook met netwerken. Onvoorspelbaar, turbulent, soms chaotisch soms zeer geordend, vaak van richting veranderend, nieuwe wegen zoekend.

Nieuw concept
Sommigen stellen zich al de vraag of de tijd rijp is voor een verandering naar een nieuw concept dat zich richt op organisatorische en functionele innovatie. Een omwenteling naar niet méér van het zelfde. Naar evidence based werken wat legitimatie verschaft en effectiviteit bevordert, vol¬gens hun aanhangers. Eraan voorbijgaand dat evidence werken leunt op naast beschreven, sto¬chastisch ingestoken onderzoek leunt op twee subjectieve bronnen, professionele kennis en erva¬ringskennis. Een omwenteling met oplossingen die nauwelijks verrijken, voorbijgaan aan het alle¬daagse, niet aanpakken wat zich feitelijk voordoet. Gevat in – als dan – redeneringen, de voorba¬rige neiging om te definiëren.
Dit alles komt in kennisnetwerken in een ander daglicht te staan. Verwonderd raken,zoeken naar verbinding, anders denken met een andere bril zorgen voor een nieuwe organische ordening. Een andere positionering en constante verandering zijn de opkomende (emergente ) verschijnselen. In tegenstelling tot klassieke oorzaak- gevolg aanpakken:wordt effectiviteit verzekerd als de betref¬fende kennis ware beweringen oplevert gecombineerd met de relatie tussen de interventies en hun maatschappelijke effecten. In en buiten ons netwerk zo met elkaar omgaan dat er ruimte blijft voor nieuwe visies op het probleem en voor veranderde verhoudingen tussen partijen. Het proces van interactie staat dus centraal, niet de (technische) oplossing van het herstel
Kennis als subjectief gegeven
In de wereld van netwerken regeert echter subjectiviteit, verbinding en beweging. Daardoor zijn veel werelden tegelijk ’waar’. Zeggenschap is dan ook democratisch verdeeld. Er is géén bepa¬lende centrale actor. De kunst van het aanpassen aan elkaar en organisaties. Het (mee)veranderen en meebewegen is hier aan de orde. Kennis is van iedereen en iedereen bezit kennis. De kennis die het beste in staat is om zich aan de omstandigheden aan te passen en omgekeerd de omstandigheden weet te beïnvloeden is effectief.
de rol van kennis is in de loop van de jaren behoorlijk veranderd , evenals de dominante gedach¬tegangen over leren. Een verloop van pragmatisme via constructivisme naar een leertheorie ge¬stoeld op een mix biologische en fenomenologische principes/ We staan aan het begin van het tijdperk van – embodied cognition -. Waarin (neurale) netwerken, connectivisme en zelfvoortbren¬ging(=autopoiesis) de centrale mechanismen zijn.

Drie kennisbronnen
a) A) Evidence, onderzoeksresultaten over de werkzaamheid van interventies;meestal monodisciplinair samengesteld
B) Expertise van professionals,
klinische inzichten die uitgekristalliseerd zijn bij zorgprofessionals na jarenlange behan¬delcontacten met cliënten;
C) Ervaringskennis/Expertise van patiënten/consumenten over:
1e De aandoening.
2e Het systeem waarin deze aandoening behandelt , c.q. tot een dragelijke vorm van chronische ziekte wordt gereduceerd, waarin de kwaliteit van leven vooropstaat.
3e de ideeën,projecten en werkwijzen waarin de gevolgen van de aandoening tot een ac¬ceptabele kwaliteit van leven leidt :
Kortom, de cognitie* waarin de wensen, voorkeuren, ervaringen en betekenisgeving van cliënten de hoofdrol spelen
*Cognitie is het proces waarmee kennis wordt verkregen over waarnemingen en ideeën.
Het is de manier waarop mensen informatie opnemen, zich bepaalde zaken herinneren, problemen oplossen, leren en beslissen.
Bij het begin van deze eeuw is in het denken over cognitie, dus ook over kennis en leren aan sterke verandering onderhevig
Netwerk cliëntenraden
Partners in het netwerk onderhouden goede duurzame netwerkrelaties om zicht te krijgen of te houden op nieuwe ontwikkelingen (bijvoorbeeld vanuit de omgeving of overheid), nieuwe part¬ners en/of veranderende vragen en behoeften van raadsleden, ervaringsdeskundigen, cliënten etc.. Indien relevant, zoekt de keten ook partners in aanpalende sectoren als welzijn, onderwijs of wonen. Nieuw ontwikkelde kennis in een keten moet ook haar weg kunnen vinden naar (nieuwe) opleidingen. In het licht hiervan zijn hogescholen en universiteiten interessante netwerkpartners.

Basisprincipes van ketenzorg
Zorgproces
Het zorgproces dat een cliënt doorloopt is het uitgangspunt voor de keten. Goede afspraken over wie wat doet en over beslis, coördinatie- en overdrachtsmomenten in de keten voorkomen hiaten en overlap. De afspraken zijn helder vastgelegd.
Indicatoren
De partners spreken indicatoren af die toetsen of de dienstverlening de beoogde doelen, kwaliteit en veiligheid haalt.
Vertrouwen
Tussen de partners in de keten geldt vertrouwen. Vertrouwen vereist kennis van en begrip voor elkaar, duidelijke afspraken en het aanspreekbaar zijn op het nakomen van deze afspraken evenals open communicatie over nieuwe kansen en knelpunten.
Kennis delen
In de keten wordt kennis gedeeld in gemeenschappelijke leeromgevingen of ontmoetingen en wordt geïnvesteerd in nieuwe kennis en competenties van patiënten en professionals.
Informatie-uitwisseling
De keten maakt afspraken over het doel van informatie-uitwisseling en welke informatie wordt uitgewisseld door wie. In het geval van digitale informatie-uitwisseling
spreken we van keteninformatisering.
Innovatie
Er wordt geïnvesteerd in nieuwe toepassingen en methodieken.Deze innovaties vinden in eerste instantie in een pilotvorm plaats, met implementatie in de hele keten voor ogen. Voor experimen¬ten is veel ruimte. Ervaringsdeskundigen en professionals met creatieve of innovatieve ideeën krijgen faciliteiten om hun ideeën uit te voeren.
Bezieling
Essentiële keuzes maken in de keten vraagt om de inzet van sleutelfiguren. Sleutelfiguren zijn personen met visie, durf en kennis van de praktijk. Zij kunnen vaak scherp verwoorden wat de keten nodig heeft. Bezieling ontstaat ook door een keertje samen iets heel anders doen!
Creatief met kaders
De randvoorwaarden voor ketenzorg zijn momenteel niet optimaal. Toch liggen er vaak voldoende mogelijkheden binnen de bestaande kaders en in experimenten. Er zijn met name kansen voor verbeterpunten waar mensen enthousiast van worden. Enthousiasme werkt aanstekelijk. Elke nieuwe kans vraagt wel om een gezamenlijke aanpak en het vroegtijdig betrekken van financiers en opdrachtgevers.
Eigen rol kennen
Om goed te functioneren in de keten, is het behulpzaam de eigen rol te verhelderen en te explici¬teren. Hebben partners meerdere rollen? Kijk dan of deze niet conflicteren en of de benodigde rollen goed over de ketenpartners verdeeld zijn.
Patiëntgerichtheid en empowerment en zelfmanagement
Ketenzorg richt zich op meer samenhang voor patiënt en professional en ervaringsdeskundige. De keten betrekt patiënten niet alleen in de opstartfase van de ketensamenwerking, maar heeft ook een methode om regelmatig feedback van patiënten te vragen. empowerment speelt een belang¬rijke rol: er wordt in hoge mate houden rekening gehouden met rekening gehouden met de eigen kracht van
Patiënten en het stimuleren van zelfmanagement. of nog beter vanuit herstel denken zal het hoofdaccent hierop liggen en dan pas de professionele bemoeienis om de hoek komen kijken
Sturing
De keten maakt heldere afspraken over wie opdrachtnemer/hoofdaannemer is, wie de prestaties van de keten monitor,t,waar besluiten genomen worden en aan wie verantwoording wordt afge¬legd als opdrachtgever van de keten. Van belang hierbij zijn (locale) cliëntengroepen( hoeft niet de Clientenraad te zijn). Eveneens is het van belang dat de consequenties van de samenwerking inzichtelijk worden gemaakt en besproken.

Handvest Maastricht Raamovereenkomst
Van de cliëntenraden en bestuurders van :

Opgemaakt op in Maastricht: Wordt dus ondertekend op 21 mei 2010 te Amersfoort en aangeboden aan Marleen Barth Voorzitter GGZ Nederland
De cliëntenraden en bestuurders komen overeen op 21 mei 2010 dat op het terrein van:
1 Herstel*:
Van begin tot eind de herstelaanpak als uitgangspunt hanteren; gericht op:
- maatschappelijk herstel en
- kwaliteit van leven
Ervaringskennis: •Ervaringskennis is de erkende, derde kennisbron, naast de wetenschappelijke en professionele kennis, en deze is voorwaarde voor de inrichting en uitvoering van herstel
Proeftuin: In de proeftuin worden praktijken ontwikkeld waarin activiteiten en projecten ten dienste van herstel worden beproefd
• Voor het concept herstel, verwijzen wij naar de desbetreffende documenten van GGZ Nederland en Kennisnetwerk het Zwarte Gat.

Een gezamenlijke resultaatsverplichting wordt aangegaan. Deze verplichting houdt in dat:
- Ieder vanuit zijn eigen verantwoordelijkheid al datgene zal doen dat nodig is voor het realise¬ren van een nader af te spreken resultaat uitgedrukt in meetbare, kwantitatieve en de benodigde kwalitatieve doelen.
- De maximale looptijd voor het behalen van het resultaat is twee jaar en eindigt op21 mei 2012. Over uiterlijk 2 jaar zal het resultaat van de gezamenlijke inspanning bekend wor¬den gemaakt en gedeeld met alle deelnemende raden en bestuurders van deze raamover¬eenkomst.
- Er een gezamenlijke inspanningsverplichting is om eendrachtig financiers aan te trekken.
- De noodzakelijke monitoring en de systematische evaluatie (halfjaarlijks) zal worden opge¬zet en uitgevoerd onder regie van Kennisnetwerk het Zwarte Gat.
- Onder auspiciën van Kennisnetwerk het Zwarte Gat wordt onderzoek opgezet in het ka¬der van deze raamovereenkomst.
- De resultaten en innovatieve kennis zullen in een nader te bepalen vorm met de sector en de stakeholders gedeeld worden. Om zo de overgang naar herstelgericht werken binnen de kaders van het Kennisnetwerk het Zwarte Gat en GGZ Nederland duurzaam te realise¬ren.
- Het intellectueel eigendom van de resultaten van de raamovereenkomst berust niet exclu¬sief bij één van beide geledingen. Daar waar mogelijk zal de kennis in internationaal ver¬band worden verspreid.
Aldus opgemaakt en getekend op 21 mei 2010
Namens
netwerk directeuren verslavingszorg : Ruud Rutten (voorzitter)
Kennisnetwerk het Zwarte Gat: Jos oude Bos (voorzitter)

De proeftuinen:
Proeftuinen in de verslavingszorg zijn bedoeld om praktijken te ontwikkelen waarin activiteiten en projecten ten dienste van herstel worden beproefd. Zo luidt de tekst over proeftuinen uit het Handvest van Maastricht. Een overeenkomst tussen bestuurders van verslavings¬zorginstellingen, cliëntenraden en Kennisnetwerk Het Zwarte Gat. Hierin staat het concept herstel centraal. Herstel wordt gedefinieerd als het individueel proces, dat mensen met verslavingspro¬blemen aangaan, om weer meer controle te krijgen over het bereiken van realistische concrete doelen en zingeving in hun eigen leven. De behandeling is een onderdeel van het herstelproces bij cliënten die dit niet op eigen kracht kunnen realiseren. Herstel is een visie die nadere uitwerking behoeft. Het product ervan levert instrumenten, methodieken en bepaald leergedrag op
Het begrip maatschappelijk herstel wordt in de verslavingszorgcliënten beweging als verbijzonde¬ring gehanteerd en onderscheidt zich hiermee enigszins van de GGZ. In deze opvatting richt de het streven op (weer) een zo volwaardige mogelijke verwerven inde maatschappij, met nadruk op de gebieden wonen, werken , zingeving/welzijn. Bij maatschappelijk herstel is tevens inzet nodig van andere instellingen op deze leefgebieden. De verslavingszorg biedt niet alle zorg, begeleiding of ondersteuning zelf. In de overeenkomst, het handvest van Maastricht, staan de voorwaarden en doelen beschreven.
Het concept proeftuinen is nieuw voor de cliëntenbeweging, maar ook voor de sector versla¬vingszorg. Het idee is dat we met de drie kennisbronnen, ervaringskennis, professionele kennis en wetenschappelijk kennis innovaties op het terrein van maatschappelijk herstel kunt creëren. Hiertoe zijn bepaalde opvattingen over leren en kennis vereist die we in deze toelichting uit¬een proberen te zetten. Geïnspireerd door de visie -leren door te doen -. Afkomstig uit het sociaal constructivisme , dat is een stroming in de leertheorie die als belangrijkste uitgangspunt heeft mensen zelf betekenis verlenen aan hun omgeving en dat sociale processen hierbij een promi¬nente rol spelen. Kennis wordt door ieder mens op een eigen wijze geconstrueerd. Kennis wordt niet alleen individueel geconstrueerd, maar wordt ook steeds weer gespiegeld aan de opvattingen van anderen. Kennis komt tot stand door interpretatie van informatie. De werkbaarheid, van een theorie of aanpak bestaat daarin dat ze bevestigd wordt in de praktijk. Dus gericht op actie en verandering,. “Waarheid is wat werkt.”

Uitgangspunten en definities
Op de eerste plaats geven we de centrale gedachten weer over leren, zoals die ook in Resultaten Scoren zijn omarmd.[2] Kennistransfer is het creëren van actieve vormen van leren. Betrokkenen in het geval van proeftuinen kunnen dat professionals en studenten zijn, maar zeker ook erva¬ringsdeskundigen, kunnen in situaties gebracht worden waarin kenniscreatie voorop staat; proeftuinen als leerwerkplaats. Daarin kunnen betrokkenen een nieuwe bekwaamheid ver¬werven of nieuwe kennis ontwikkelen.
We willen de gedachten achter deze manier van leren graag verduidelijken, omdat ze het kader en het kompas vormen om herstel georiënteerde werkwijzen gestalte te geven. Deze gedachten vormen het fundament voor de innovatieve aanpak volgens het Kennisnetwerk Zwarte Gat. In de hoop dat ze niet verworden tot een serie mechanische technieken, maar daadwerkelijk beleefd worden. En ervoor zorgen dat er kennisopbouw plaatsvindt voor herstelgericht werken
We gaan in op wat kennis is , de consequentie daarvan voor leren, zoals beschreven door Kes¬sels en Smit. En in het daaropvolgende deel hoe kenniscreatie in de ogen van Nonaka en Tak¬euchi verloopt. Van impliciete kennis(Tacit) naar expliciet en vervolgens weer impliciet wordt.
Kennis als bekwaamheid; leren is bekwaam worden
In de huidige tijd speelt kennis een grote rol. Kennis is economisch van grote waarde, maar ook voor individuen om een bestaan op te bouwen en zich maatschappelijk te handhaven en beteke¬nis te geven aan het leven. Maar ook is kennis is nodig om nieuwe ontwikkelingen vorm te ge¬ven. Naast kwaliteit te verbeteren ook om problemen op te lossen. In ons geval om het vraagstuk maatschappelijk herstel met nieuwe kennis vorm te geven.
Het succes van organisaties, ook van netwerken, hangt in hoge mate af van het vermogen om kennis te delen en te verspreiden. Maar misschien wel nog meer om kennis te vernieuwen.
We hebben het dan over kennis als bekwaamheid (vermogens, vaardigheden); niet over traditio¬nele kennis in de zin van het beschikken over informatie (niet ‘weten’ maar ‘kunnen’).
Kennis zien als bekwaamheid klinkt vreemd, vooral omdat kennis tot voor kort meestal werd ge¬splitst in kennis, vaardigheden en attitude. In die driedeling heeft kennis de betekenis van weten of inzicht,
Het gaat dan bij kennis vooral om theorie. Vaardigheden en attituden zijn nodig om die theorie te kunnen toepassen.
Kennis zien als bekwaamheid zorgt ervoor dat weten en toepassen ook erbij betrokken raken. Leren wordt dan, veel meer dan vroeger, een proces van bekwaam worden
Deze opvatting over kennis als vermogen heeft grote gevolgen voor het toepassen van kennisme¬thoden/leermethoden.
kennis los van mensen bestaat niet
Want kennis als vermogen zien betekent allereerst dat kennis verankerd is in mensen. Als kennis losgemaakt wordt van mensen raken we de essentie kwijt. Als bijvoorbeeld een chirurg opschrijft of vertelt hoe hij een complexe operatie uitvoert aanpakt, heeft hij daarmee nog niet zijn vermo¬gen overgedragen. We hebben dan alleen de informatie op papier over hoe doe taak aangepakt kan worden; het vermogen om het uit voeren hebben we dan nog niet verworven. Natuurlijk kan een dergelijke beschrijving iemand anders helpen. Een dergelijk persoon moet dan de informatie op papier weer omzetten in een vermogen. Of dat lukt en hoeveel energie dat kost hangt natuur¬lijk weer af van het vermogen van deze persoon. Als hij een expert is op hetzelfde vakgebied, zal hem dat gemakkelijker af gaan, dan in het geval hij een beginnend beroepsbeoefenaar is.
Het gegeven dat kennis gebonden is aan mensen stelt eisen aan het delen en verspreiden hier¬van. Dat lukt dus niet door alleen papieren informatie door te geven. Daar horen leerprocessen die ontworpen moeten worden. In het geval van proftuinen leerprocessen rond maatschappelijk herstel voor professionals, ervaringsdeskundigen en mogelijk ander betrokkenen. Het vraagt in dit geval ook dat die leerprocessen niet allen op het delen van kennis zijn gericht, maar ook nieuwe kennis gecreëerd wordt.
Informatieoverdracht is geen kennisoverdracht
Een ander gevolg is dat klassiek kennisoverdracht eigenlijk in deze zin dus niet bestaat. Die over¬dracht blijft beperkt tot informatieoverdracht. Omdat we het vermogen niet van iemand kunnen krijgen, moet we dat vermogen zelf vermogen opbouwen. Iedereen moet dat zelf doen. Kennis zien als een vermogen, als een competentie, heeft ook invloed hoe kennis gedeeld wordt.
We kunnen zoals hiervoor gezegd hooguit informatie overdragen, die iemand kan helpen zelf ken¬nis op te bouwen, eigen kennis te construeren (deze benadering van leerprocessen wordt ook wel aangeduid met de term ‘constructivisme’).
Maar vaak neemt informatieoverdracht in veel leerprocessen nog een grote plaats in, omdat vaak nog gedacht wordt dat het een efficiënte vorm van kennisoverdracht is. Voor het ontwikkelen van bekwaamheid (competenties) is informatieoverdracht geen een sterk middel. Meer geschikt daarvoor zijn actievormen van leren, waarin de lerende in situaties gebracht worden zoals ze die ook in hun werk tegen komen. Daarin kunnen ze voor zichzelf nieuwe kennis creëren, een nieuwe competentie ontwikkelen of hun competenties op een hoger plan brengen. In leerprocessen die bepaald worden door sociaal leren. Een vorm van leren waar actie, relatie en interactie en de terugblik erop de belangrijkste ingrediënten zijn. Er is dan sprake va kennisproductiviteit.
Kennis wordt van waarde in het toepassen ervan
Kennis krijgt pas waarde krijgt in de toepassing is nog een gevolg van deze opvattingen over kennis en kennisproductiviteit, Want een bekwaamheid die niet gebruikt wordt, is als gereed¬schap dat in de schuur ligt: hoe duur het ook was om het te verwerven, de waarde is nul. En juist dat toepassen, kennis echt benutten in de dagelijkse werkpraktijk, blijkt vaak zo lastig. We hebben het dan al snel over implementatieproblemen. We zullen in een kennismethodiek daarom niet alleen het genereren van kennis moeten ondersteunen, maar ook het verspreiden en toepas¬sen, zodanig dat dit een logisch en samenhangend proces wordt.
Kiezen voor netwerken
Het Zwarte Gat kiest voor de netwerkaanpak. Kennisontwikkeling in netwerken. Netwerken van mensen die samen ergens enthousiast over zijn: over hun streven, of hun vak, hun doelgroep, de problematiek. Wie een dergelijk netwerk gezond wil krijgen en houden moet kunnen navigeren in onbekend gebied. De werkelijkheid verandert immers voortdurend. Als je de creatieve kracht van het Zwarte Gat wilt aanboren is het essentieel dat de leden met elkaar in verbinding zijn. Hun betrokkenheid en inzet voor de zaak in combinatie met een open en krachtige verbinding leidt automatisch tot ideeën voor oplossingen, doelen en vernieuwing van de missie(Unieke)Samenvatting
Via deze weg en via de digitale weg dien wij hierbij het verzoek in, van een financiële bijdrage voor het opzetten en/of uitbreiden van dit veelomvattende, innovatief project.
Het is een veelomvattend, langdurend initiatief met zijn eigen werkvorm, en is uniek in Nederland. Het unieke bestaat uit de erkenning van de directeuren in de verslavingszorg (getekend convenant) van ervaringsdeskundigheid als derde kennis bron. Uniek is ook dat in proeftuinen met wetenschap, ervaringsdeskundigheid, professionals,studenten, hogescholen en alle stakeholders zaken opgezet en beproeft gaan worden. We steken hierbij in op wonen, werken, welzijn, weten en zingeving
Het unieke is ook ons doel om 60 cliëntgestuurde projecten op te zetten wat dus een wisselwerking wordt tussen opgeleide ervaringsdeskundige en studenten, zij kunnen kennis maken met hun toekomstige doelgroep en ervaringsdeskundige, kunnen gebruik maken van hun kennis en mogelijkheden voor bv. Onderzoek.
Één van de eerste cliëntgestuurde projecten die zijn opgezet is het project “help mijn buurman (ver) zuipt” waarvan de projectleider van mening dat dit past (en eigenlijk al is) in een proeftuin, omdat zoals hierboven omschreven, iedereen samen werkt
Omdat dit een innovatief project is, hebben wij hiervoor ook een aanvraag ingediend bij het innovatie fonds van zorgverzekeraars.
Hopende U hiermee voldoende te hebben ingelicht, en uiteraard hopende op een positieve reactie van uw zijde, verblijf ik namens het Zwarte Gat,met de meeste hoogachting,
Hoogachtend
Gerrit Zwart

verminderen Hulpmiddelen

zondag, mei 16th, 2010

In het kader van project Van crisis naar kans. Het zou een goede zaak zijn, dat er wordt gekeken waar kan er bezuinigd worden op Hulpmiddelen.. Veel voorzieningen worden aangevraagd, maar op veel plekken zoals verzorgingshuizen staan rollators en opstapstoelen ongebruikt. Ook bij Hulpmiddelen verstrekkers/ leveranciers staan gebruikte rolstoelen en rollators op zolder. Volgens mij kan dit anders. Verscherpte verstrekkingenbeleid bij zulke collectieve voorzieningen..

MANTELZORG IS ‘HOT’.

maandag, mei 10th, 2010

‘Hot’, voor veel politici en andere moraalridders, die de inzet van mantelzorgers misbruiken om bezuinigingen in de zorg door te voeren onder de leus ‘Welzijn Nieuwe Stijl’.
En ‘hot’ omdat juist in mantelzorgondersteuning geïnvesteerd moet worden, waardoor de totale zorg uiteindelijk goedkoper wordt.

Hypocrisie.
Veel politici en andere moraalridders prijzen de mantelzorger bijna de hemel in. Mantelzorgers en ook vrijwilligers in de zorg worden geroemd om hun ‘doenersmentaliteit’, doorzettingsvermogen, onvoorwaardelijke inzet en motivatie voor de zorg van chronisch zieken en gehandicapten. Die politici en andere moraalridders schuiven mantelzorgers en vrijwilligers in de zorg naar voren als de grote voorbeelden voor de nieuwe visie van ‘Welzijn Nieuwe Stijl’. ‘De mensen moeten niet zo afhankelijk zijn van de overheid’ en ‘moeten meer zelf doen en voor elkaar zorgen’. ‘Dat bevordert de sociale cohesie in de samenleving’.
Deze mooie woorden worden echter gebruikt als vlag om gewoon ordinair te bezuinigen in de zorg, waardoor de belasting van de mantelzorg alleen maar toeneemt. Hier is dus sprake van een schandalige hypocrisie.
Voor veel chronisch zieken/gehandicapten thuis wordt de tijd 5 jaar terug gezet, maar ze noemen het ‘vooruitgang’ onder de leus ‘Welzijn Nieuwe Stijl’.
Vrijwilligers kunnen stoppen met hun werk of ander vrijwilligerswerk zoeken.
Een mantelzorger stopt niet, ook al wordt de zorg zwaarder door bezuinigingen, want hij zorgt voor een dierbare naaste om wie hij geeft.
De mantelzorger staat niet vooraan met hulpvragen. Mantelzorg speelt zich af in de beslotenheid van de privésfeer. Een overbelaste mantelzorger raakt vaak in een isolement en wordt dus niet opgemerkt.
Makkelijke prooi voor misbruik door de dames en heren politici en andere moraalridders.

Mantelzorgondersteuning.
‘Maar we hebben toch de Wet Maatschappelijke Ondersteuning (WMO), waarin het vierde beleidsterrein de gemeenten de verplichting geeft om mantelzorgers te ondersteunen?’ ‘Dus mantelzorgers worden ondersteund!’
Dit jaar hebben we al voor de vijfde keer een Nationale Mantelzorglezing. Jaarlijks komen prachtige rapporten en statistieken uit over mantelzorg en mantelzorgondersteuning.
Zo ook de tussenevaluatie van de WMO door het Sociaal Cultureel Planbureau. Maar het was iets te optimistisch dit jaar. De praktijk leert namelijk anders, zoals blijkt uit evaluaties van ouderenbonden en Mezzo, de belangenorganisatie van mantelzorgers en vrijwillige inzet.
De WMO biedt alleen kaders met minimale (soms vage) verplichtingen. Gemeenten kunnen, afhankelijk van het budget, dat ze willen inzetten, de WMO minimaal of uitgebreider uitvoeren.
Toegespitst op de ondersteuning voor mantelzorgers betekent dit dat er gemeenten zijn die (nog) niet verder zijn gegaan dan invulling van de minimale eisen. En dat is soms zelfs discutabel. En er zijn gemeenten die meer budget willen/kunnen inzetten en inventiviteit tonen.
Gevolg is dat er een grote ongelijkheid is tussen gemeenten in de ondersteuning van mantelzorgers. De ondersteuning begint bovendien te laat, namelijk als er al sprake is van overbelasting.
En de drempel naar de steunpunten is te hoog.
Door tekortschietende wetgeving wordt het werkende mantelzorgers bovendien bijna onmogelijk gemaakt om op een goede manier werk en zorg te blijven combineren.

Als we het belang van mantelzorg niet werkelijk erkennen, doorgaan met bezuinigen zoals het nu gaat onder die leus ‘Welzijn Nieuwe Stijl’, de ongelijkheid in de mantelzorgondersteuning tussen gemeenten blijven dulden en de rechten van mantelzorgers niet beter wettelijk vastleggen, dan worden mensen juist steeds afhankelijker gemaakt van de professionele en intramurale zorg.
Vereenzaming van ouderen zal toenemen, evenals de overbelasting van mantelzorgers.
Mantelzorgers zullen zelf ook een beroep gaan doen op zorg, omdat ze ziek worden.
Mantelzorgers die naast de zorg ook nog een betaalde baan hebben, de werkende mantelzorgers, zullen meer verzuimen van het werk, wat tot kostentoename in de bedrijven leidt.
Het beroep op vrijwilligers neemt toe (dit is nu al zichtbaar), maar er is een groot tekort aan geschikte vrijwilligers. Bovendien mogen vrijwilligers geen handelingen verrichten op de terreinen van Persoonlijke Verzorging en Verpleging.
De zorg zal alleen maar duurder worden, omdat chronisch zieken/gehandicapten noodgedwongen meer een beroep zullen gaan doen op bijvoorbeeld opname in verzorgings-/verpleeghuizen en ziekenhuizen.

Kansen.
Mensen willen best voor elkaar zorgen of het nu als vrijwilliger of als mantelzorger is.
Dat werkt alleen positief voor de ‘sociale cohesie in de samenleving’ als het zorgen voor elkaar ook echt mogelijk wordt gemaakt.
We moeten een andere aanpak kiezen.
We moeten ons wel realiseren dat zo’n 80% van de thuiszorg nu gedaan wordt door mantelzorgers. En, hoewel het vanzelfsprekend moeilijk is om te berekenen, we moeten ons ook realiseren dat de totale mantelzorg in Nederland een economische waarde heeft die in de vele miljarden euro’s loopt (huidige schattingen tussen 4 en 7 miljard euro).
Maatschappelijk en economisch is mantelzorg een kostbaar bezit.
Er staan weldegelijk goede plannen in rapporten en er worden goede dingen gezegd in een dergelijk Nationale Mantelzorglezing, maar ze worden niet uitgevoerd.
Op 3 juni 2010 is de 5e Nationale Mantelzorglezing in het teken van ‘Naast en met elkaar’ over de samenwerking tussen de formele en informele zorg. Dit geeft bijna een warm gevoel.
Vorig jaar was de titel van de Nationale Mantelzorglezing, die door dr. Rinnooy Kan (voorzitter SER) werd uitgesproken, ‘Mantelzorgers onmisbaar kapitaal voor onze economie’. ‘Zij (de mantelzorgers) hebben meer aandacht en ondersteuning nodig: ten bate van henzelf, maar ook van de mensen voor wie zij zorgen en de arbeidsorganisaties waarvoor zij werken. En uiteindelijk komt dat de hele samenleving ten goede’, zei Rinnooy Kan. Hij spitste zijn verhaal toe op de werkende mantelzorgers, maar het geldt voor allemaal.
Het is vanzelfsprekend schandalig dat getornd wordt aan de belangen van chronisch zieken/gehandicapten en hun mantelzorgers. Alleen al daarom moet de huidige ontwikkeling stoppen.
Maar bij mantelzorg speelt ook een maatschappelijk en een economisch belang.
Investeren in mantelzorgondersteuning werkt juist op termijn positief en levert dus juist kansen op!
De gevolgen van goede mantelzorgondersteuning t.o.v. de huidige ontwikkeling zijn:
1. de mantelzorger kan zijn zorg langer en beter volhouden;
2. de kwaliteit van de mantelzorg zal toenemen;
3. de mantelzorger kan zijn werk en de zorg naar voldoening van alle partijen goed combineren (de werkende mantelzorger is in feite de best gemotiveerde werknemer die een bedrijf kan hebben);
4. aan de vraag van de chronisch zieke/gehandicapte om zolang mogelijk thuis verzorgd te worden door zijn naaste wordt tegemoet gekomen;
5. de vraag naar professionele thuiszorg, die vanzelfsprekend duurder is dan mantelzorg, zal relatief afnemen;
6. de vraag naar de dure intramurale zorg zal relatief afnemen;
7. het zal de kwaliteit van de samenwerking tussen formele en informele zorg ten goede komen;
6. het maatschappelijk belang van de sociale cohesie in de samenleving zal werkelijk gediend zijn.

Slimme politici zullen nu misschien bedenken om toch maar grof op de zorg te bezuinigen en daarnaast de mantelzorgondersteuning iets op te pimpen, want die mantelzorgers gaan tòch wel door, die leveren die zorg tòch wel.
Niet alleen Mezzo, maar ook veel mantelzorgsteunpunten, hebben inmiddels duidelijk gemaakt dat de mantelzorg nu al overbelast is, ‘de rek is er uit’.
Als verbeteringen in de zorg en efficiënter werken leiden tot een goedkopere zorg dan is dat goed, als het maar niet leidt tot lastenverzwaring van de mantelzorger.

Wat gaat die goede mantelzorgondersteuning kosten?
Zeker minder dan de economische waarde van de mantelzorg op dit moment.
De kosten van mantelzorgondersteuning zijn aanzienlijk lager dan de kosten van de formele zorg die nodig zou zijn als mantelzorg wegvalt. Het werkt als een vliegwiel: met relatief geringe investeringen in ondersteuning kan mantelzorg de grote betekenis voor de samenleving behouden.

Wat is eigenlijk goede mantelzorgondersteuning?
Oftewel onder welke voorwaarden kan mantelzorg goed gedaan worden?
Dit is een onderwerp apart, dat ik met de groep Mantelzorg van deeljezorg.nl verder hoop uit te werken.

10 mei 2010
Arjen Kuiper, beheerder groep Mantelzorg.

Onnodige Wachttijd bij de huisarts

maandag, mei 10th, 2010

Huisartsen kunnen zelf de wachttijden in hun wachtkamer verminderen. Bijvoorbeeld door de werkzaamheden tussendoor te beperken en een ‘klokje op het bureau’. Dit zegt Susanne Lemstra, projectleider van het Groningse ‘Geen Tijd Meer Verliezen*’.
In het boekje zijn checklists opgenomen over veel voorkomende oorzaken van (te) lange wachttijden. Eén van de belangrijkste oorzaken daarvan, zijn werkzaamheden tussendoor; als een consult eerder is afgelopen nog snel even dat telefoontje dat vervolgens langer duurt dan verwacht. Lemstra: “Artsen vinden dat ze telefoontjes van collega’s op elk moment moeten beantwoorden, ook dat zorgt voor uitloop van een consult. Net als patiënten die hun klachten opsparen en dus eigenlijk meerdere consulten nodig hebben. Dit is te voorkomen met goede triage.”
Het boekje is te downloaden bij Zorgbelang-Groningen.

Ook ideeën hoe de wachttijd te verminderen en daardoor de juiste aandacht krijgen en efficiëntere zorg? Geef ze hieronder.

*Het onderzoek is uitgevoerd door CMO Groningen, Zorgbelang Groningen, Huisartsenopleiding UMCG en het Noorderpoortcollege.

Patiënten zetten in op een miljard bezuinigen

vrijdag, mei 7th, 2010

Dat is de titel van een column van Maarten Ploeg, directeur van Diabetes Vereniging Nederland (DVN) in Skipr.

Hij pleit voor meer patiëntenregie, waardoor kostbare tijd gewonnen wordt. De (chronische) patiënt in de rol van medebehandelaar van zijn eigen aandoening of ziekte. Een voordeel daarvan is dat je werktijd verlegt van professional naar ervaringsdeskundige. Dat kost nog steeds evenveel tijd, maar veel minder geld.

Hij stelt voor om één miljard te bezuinigen en een gelijk bedrag een andere bestemming te geven. Patiëntenverenigingen bepalen in overleg met topzorgverleners op welke wijze zij dat miljard gaan herinvesteren in zelfmanagement.

Kijk voor de hele column op http://www.skipr.nl/blogs/patienten-zetten-in-op-een-miljard-bezuinigen-52574.html

Chronisch patiënten moeten een actieve rol krijgen in hun eigen behandeling (zie bijdrage 7 mei)

stem

bekijk resultaat

Verwerken / ophalen ... Verwerken / ophalen ...

Thuiszorg goedkoper organiseren: methode buurtzorg

dinsdag, mei 4th, 2010

Thuiszorg kan veel goedkoper en kwalitatief hoogstaander, door het te organiseren volgens de methode ‘Buurtzorg’ van Jost de Blok.

Zorgondernemer en voormalig wijkverpleegkundige Jos de Blok richtte in 2006 Buurtzorg Nederland op met eigen geld. Drie jaar later werken 100 teams van elk 10 medewerkers voor 10.000 cliënten. De overhead bedraagt slechts 10 personen: 6 op kantoor en 4 coaches die elk 25 teams begeleiden.
Traditionele thuiszorgorganisaties hebben het hele traject van thuiszorg opgesplitst in deelprocessen: Aanmelding, indicatiestelling (uiteraard iom Centrum Indicatiestelling Zorg), planning en uitvoering wordt door allerlei verschillende personen gedaan.

Het grote nadeel is dat dit leidt tot een veelheid aan coördinatiemomenten. Dit leidt tot hele hoge overheadkosten.

Buurtzorg heeft al die coördinatiemomenten eruit gehaald en de zorg niet opgesplitst. Er komt een hoog opgeleide verpleegkundige bij de cliënt thuis en die doet alles: intake, persoonlijke verzorging, wondverzorging, medisch-technische dingen. De gemiddelde contacttijd neemt daardoor toe en de hulp is veel goedkoper en er blijft tijd over voor aandacht.

Wat vindt u als lezer van deze werkwijze?